Navigeren Kun Je Leren

Ik moet heel eerlijk bekennen dat navigeren niet mijn sterkste kant is. Toen ik een paar jaar geleden van plan was om de Haute Route Pyrénées te lopen, raakte ik de tweede dag de route kwijt. Nietsvermoedend bleef ik de rood witte markering van de GR 11 volgen, totdat ik er na een paar uur achter kwam dat ik toch echt heel erg naar het westen liep. Terug naar de Atlantische Oceaan. Er volgde wat halfslachtige pogingen om de HRP weer op te pakken, maar ik was te dromerig om continue met het route vinden bezig te zijn. Na een week stuurde ik het Cicerone gidsje naar huis en knutselde ik mijn eigen ‘van west naar oost’ oversteek in elkaar.

Hoewel de Via Dinarica White Trail grotendeels gemarkeerd is, loop ik ‘m zo meteen in tegengestelde richting. Bovendien is er in dit gebied niet heel veel uitwijkmogelijkheid naar andere lange afstandsroutes. Kortom, de hoogste tijd om mijn navigatie en oriëntatieskills eens op te frissen.

Voor deze gelegenheid heb ik een vriend gevraagd me een lesje te geven. Jeroen nam dit uiterst serieus en stuurde me een paar dagen van te voren de stafkaart via de mail, zodat ik alvast een kijkje kon nemen. De Amsterdamse waterleidingduinen, een van de grootste aaneengesloten wandelgebieden van Nederland waar bovendien overal buiten de paden gewandeld mag worden.

Uitgerust met drie verschillende kompassen, een stafkaart en een recreatiekaart, een gouden legging, een fotograaf en het vriendinnetje van de fotograaf – mijn zusje – gingen we met zijn vieren op pad. Ik moest ons via een klein weggetje naar een door Jeroen aangewezen punt op te kaart zien te leiden. Al vrij snel was ik vergeten welk punt hij precies had aangewezen en bleek ik bovendien een klein weggetje te vroeg zijn ingeslagen…

Dat navigeren een continue proces is en dat je je sterk bewust moet zijn van je omgeving, wist ik wel, maar dat is nou juist waar het mis gaat bij mij. Ik zie dat watertje en het zijpad, het weiland rechts en de huisjes een stukje verderop links, maar maak niet automatisch de vertaalslag naar de kaart. Het is niet een bevestiging dat ik goed loop of een alarm dat ik fout loop. Ik ben lekker aan het kletsen of dromen. Ik zuig indrukken op, laat me afleiden door de mooie omgeving, in plaats van deze bewust in me op te nemen.

Gaat dit ooit goed komen als ik zo meteen in mijn eentje door het ruige karstgebergte van de Dinarische Alpen loop? Alle mogelijke rampscenario’s spoken door mijn hoofd. Zonder water, dodelijk vermoeid, overal beren en wolven op de loer en natuurlijk hopeloos verdwaald zijn. Geen dorpen of überhaupt mensen in de buurt, een telefoon zonder bereik en een rap slinkende voedselvoorraad…

Vreemd genoeg heb ik er nog steeds vertrouwen in. En Jeroen ook. Ik ben weliswaar niet de snelste, maar ik begrijp wat ik doe en ik weet wat ik moet doen. Ik zal niet uren doorlopen als ik het pad en de markering uit het oog verloren ben. Ik heb geen haast en geen trots om hoog te houden. Alleen trekken te midden van die almachtige bergen, de woeste natuur dwingt respect af. Het maakt me bewust van mijn nietigheid, maar ook alerter.

Ik voel een rust over me komen als ik aan het wandelavontuur denk. Misschien is het naïef, maar ik denk dat het allemaal wel goed zal komen. En in de tussentijd bereid ik me zo goed mogelijk voor, bijvoorbeeld door een middag buiten de gebaande paden in de Amsterdamse waterleidingduinen rond te stappen.

Learn more ›

Foto’s van Menno Visser


Geef een reactie