Hikersblock

Het is geen kwestie van geen zin, vreemd genoeg is er nog geen dag geweest dat ik tegen het lopen op zag. Echt niet. Het inpakken en het hele ritueel voor vertrek komt me wel eens mijn neus uit, maar de meeste dagen gaat dit eigenlijk vanzelf.

Mijn hikersblock zit hem meer in mijn voeten, kuiten en in het weer. Soms word ik wakker en dan is het meteen duidelijk. Geen beginnen aan. Mijn kuiten zijn gezwollen en mijn voeten kunnen nauwelijks mijn lichaamsgewicht dragen. Ze steunen en kreunen bij iedere stap die ik zet. “Nee vandaag niet! Waag het niet!” En dat is dan het moment waarop ik naar mijn lichaam moet luisteren.

Als ik vervolgens naga wat ik de vorige dag heb gedaan, heb gelopen, het terrein, de afstand dan kom ik meestal vrij snel tot het inzicht dat het vrij pittig was. Op het moment dat het moet, we door moéten, zet mijn lichaam zich voor de volle honderd procent in. Maar als we ons doel bereikt hebben, we op een fijne comfortabele plek zijn, roepen ze me tot halt. En dat is maar goed ook.

Gisteren was zo’n typische pittige dag. Niet alleen lang door de kilometers, maar zeker ook lang in uren. Zo’n dag waarbij er in twaalf uur een hele week voorbij lijkt te gaan. Fysieke en mentale uitputtingsslag. De energievretende factoren stapelden zich op, waardoor ik, toen ik ’s avonds eenmaal veilig en droog in de bivakhut zat, direct in slaap viel.

Ik vind het mooi dat wanneer ik niet meer op scherp hoef te staan, wanneer alle zorgen en angsten van me afvallen, de vermoeidheid pas toeslaat. Wanneer mijn voeten en kuiten de volgende morgen tegenstribbelen, weet ik hoef laat het is. Tijd om de tijd stil te zetten.

Als ik instem met een rustdag, begin ik meestal met mijn tas uitmesten. Hoeveel eten heb ik nog, hoeveel dagen kom ik daarmee door? Ha, meer dan genoeg, maar dat vind ik fijn. Weten dat je ergens een week kan blijven zonder naar beneden te hoeven. Zonder dat je ergens anders sneller of meer moet gaan lopen. Zo kan ik optimaal genieten van een rustdag. Of een hikersblock.

Na de voedselinventarisatie is de kleding aan de beurt. Hoewel ik onderweg regelmatig mijn shirts en onderbroeken uitspoel, kan wassen met zeep zo nu en dan geen kwaad. Hier in Ždrilo is zowaar een wasbakje met kraan. En zeep! De perfecte plek om de boel eens in de week te zetten. Het duurde weliswaar even voordat ik had uitgevogeld hoe er daadwerkelijk water uit de kraan kwam, maar met mijn offline woordenboek en een beetje Balkaninlevingsvermogen (categorie ducktape oplossingen, maar dan anders) is het me gelukt.

Eten, wassen, water en dan de vierde noodzaak: opladen. Geloof het of niet, deze bivakhut heeft stroom. Jep, er is een stopcontact. Terwijl de batterijen voor mijn GPS in het stopcontact hangen, kan mijn vriend de Monkey Adventurer zich buiten in het zonnetje volledig opladen. Telefoons, externe batterij, mp3 speler en e-reader komen later aan de beurt. Hmm ja, veel electronica. Ok gebruik alles, maar het zou gewicht schelen als ik alles met één apparaat kon doen. Laat daar nou net de smartphone voor bedoeld zijn. Helaas ben ik zelf niet zo smart en niet zo goed van vertrouwen. Ik durf het gewoonweg niet aan, afhankelijk te zijn van een apparaat. Eén apparaat. Zelfs als ik er wel mee overweg zou kunnen..

Er zijn veel dingen die ik de volgende keer anders zou doen. Volgens mij leer je iedere reis, wat voor reis dan ook, weer wat bij. Toch ben ik tevreden hoe het nu gaat. Hoe ik het nu doe. Let wel, veel van die verbeteringen betekenen geld investeren in een nieuwe huppeldepup. En laat geld nou net hetgeen zijn dat ik niet heb. Dat maakt me eigenlijk des te blijer. Met alle geleende en gekregen spulletjes heb ik weliswaar een zware tas, maar ik heb alles wat ik mogelijk nodig heb en ben er toch mooi wel al bijna 1000km mee door de Balkan gelopen.

Als de hikersblockdag-klusjes gedaan zijn, hoef ik niets meer. Nou ja, eten, drinken en om de paar uur een struikje opzoeken. Uit de wind. Zeeën van tijd. Eigen tijd. Eva-tijd.

In eerste instantie voel ik nog de druk om wat achterstallig schrijfwerk/typewerk te doen. Mijn etappelijstjes bij te werken of om alvast wat mailtjes te composeren.. Maar meestal komt het erop neer dat ik met een kopje koffie buiten in het zonnetje ga zitten dromen. Dromen, fantaseren en indommelen. Met een verbrand hoofd wakker worden en binnen vervolgens verder dromen, fantaseren en indommelen. En af en toe een vlieg doodslaan.

Het fijnste is wanneer een hikersblock toeslaat wanneer je midden in de bergen in een fijn hutje met alle luxe die, maar zonder andere mensen zit. Het is voor mij een bijzonder gevoel van isolement. Er is geen noodzaak om te blijven. Als ik wil, kan ik weg, maar het kiezen om te blijven. Kiezen om hier te zijn. Met die keuze is het alsof ik de tijd stilzet. Voor een dag, twee dagen of een week. Het maakt niet meer uit. Dagen. Tijd.

Ik hoef nergens heen, ik heb geen verplichtingen, niemand verwacht iets van me. Het maakt in feite weinig uit waar ik ben. De uren gaan voorbij en ik merk dat het vroeger donker wordt. Ik merk van alles op, maar hoef er verder niets mee te doen. Ik zit veilig en beschut, het weer, de buitenwereld en zelfs de sociale druk hebben eventjes geen invloed op me.

Ik kan naar een topje lopen, maar het hoeft niet. Alles wat ik vandaag niet doe, kan morgen ook nog. Kan, maar hoeft niet. Ik verveel me niet met niets doen. Wanneer ik niets anders kan doen dan zijn op de plek waar ik ben en ik ben alleen, dan overvalt dit bijzondere gevoel van isolatie me. Een andere wereld.

Mijn wereldje. Mijn kleine wereldje zonder druk of drukte, zorgen of angsten. Een verademing. De wetenschap dat ik hiernaartoe terug kan is een geruststelling. Geen beslissingen, geen keuzes. Eventjes helemaal niets. Zolang de voedselvoorraad strekt.

Wanneer alle dagen hetzelfde zijn, zich slechts onderscheiden door de veranderlijke wolken en de stand van de maan, dan doet tijd er niet zoveel meer toe. Wanneer je niets meer hoeft van jezelf, dan doe je precies waar je behoefte aan hebt. Eten-slapen-drinken wanneer het nodig hebt. En wanneer je de behoefte voelt om het eten-slapen-drinken aan te vullen met een andere activiteit, dan doe je dat. Zo werkt het in ieder geval voor mij.

Mijn hikersblock is meer dan niet lopen. Het is stilstaan. Zijn. Al dan niet gedwongen door mijn lichaam of het weer. Mijn hikersblocks zijn net zo ern groot deel van mijn voettocht als de loopdagen dat zijn. Soms leiden ze tot frustratie, wanneer ik te graag door wil, wanneer ik ongeduldig of op een drukke plek ben. Maar over het algemeen brengen ze me tot rust en tot inzichten.

Ze geven me tijd. Tijd waarin ik kan reflecteren. Als ik tenminste wil. Zo niet, dan niet. Maar als ik reflecteer, zie ik telkens weer reden genoeg om pas op de plaats te maken.

“I’m free, I remind myself. Like the clouds floating across the sky. I’m all by myself, totally free.” – Haruki Murakami, Kafka on the Shore


Geef een reactie