​36 Uur op Aire de Bivouac des Blancs Bois

Dit verhaal gaat over mannen die denken dat ze dood gaan wanneer ze ziek zijn, een praatgrage Vlaming met stopwoordjes, kamperende hipsters, een dronken verliefd stelletje en mountainbikers… Over de maatschappij van tegenwoordig, instagram, emancipatie, worst en koffie, bananenschillen, hangmatten, oordelen versus een mening hebben, de kat een kat noemen, het wildkampeer toilet, everzwijnen en whisky. En over wat gebrek aan nachtrust met mij doet.

Het is een lang verhaal, maar het waren dan ook 36 lange lange uren.

Volgens mij is bivakkeren in. Misschien zelfs wel hip. Een tijdje geleden kwam ik de Instagram account HipCamp tegen, maar dat is slechts één van de velen. Niet iedereen kan zich een vintage Volkswagen busje permitteren, maar een tent, tarp, hangmat of bivakzak hoeft niet veel te kosten. Zelf slaap ik het liefst en het lekkerst in een tent. Natuurlijk is het soms wat koud en is het rot als je ’s nachts moet plassen, maar dat weegt niet op tegen de pluspunten. Buiten zijn, buiten geluiden horen, de buitenlucht ruiken. Een klein verplaatsbaar huisje waar ik mijn eigen knullige systeempje heb en waarin ik me kan afsluiten.

Tenminste, meestal. Het gevolg van de into the wild trend is dat je zelden alleen in de wildernis bent. Op de bivak in het witte bos bij Houffalize was het dringen geblazen. Zeker 7 andere rugzakwandelaars besloten door te lopen nadat ze een vol veld troffen. Wellicht voelden zij de bui al hangen. Hoewel ik eventjes een flashback had naar het grot-hut-feest van afgelopen zomer, waar mijn nachtrust bruut verstoord werd door 7 zuipende Kroaten, was dit eigenlijk nog heel keurig.

Ik zal bij het begin beginnen.

Het is al laat wanneer ik bij aire de bivouac des Blancs Bois aan kom. Halverwege de dag nam ik afscheid van Lieke die mij 24 uur vergezelde en tegen mijn eigen verwachtingen in, liep ik nog 15 kilometer door naar Houffalize. Een vrolijk gezang en een dikke rookwolk komt me tegemoet wanneer ik het bivakterrein op loop. Het gezang stopt, drie hoofden kijken mijn kant op. Oei, ben ik een indringer? Maar nee hoor, de drie jongen heten me welkom met een sterk bakje koffie.

De drie jongens dragen legerjasjes, waardoor ik denk dat ze ergens bij horen, scouts ofzo. Wederom heb ik het mis. De drie jongens zijn studenten die de legerdump hebben ontdekt. “Goedkoop en stevig spul” leggen ze uit. Ondertussen wordt er wat gerommeld en hoor ik ze over worst praten. Ik kan me er niet toe zetten avondeten te gaan maken. Lieke heeft me goed doorvoedt achter gelaten, dus trek heb ik sowieso nog niet.

De jongens blijken vier worsten te hebben. Ze zijn met z’n drieën. Er wordt overwogen om de vierde aan mij te geven. Plots krijg ik toch honger. Een worst zou perfect bij het restje pasta met room-mosterd-saus passen… Ik heb geluk, ik krijg de worst. Wat een feest!

Één keer ben ik echt ziek geweest tijdens een wandeltocht. Middenin de nacht werd ik wakker en was net niet op tijd mijn tent uit. Gelukkig stond ik op een tentenveldje met een toilet op kruipafstand. Voor mijn bivakgenoten die zojuist hun vierde worst met mij hebben gedeeld zag het er iets minder rooskleurig uit. Het ‘toilet’ is een stinkend, met WCpapier bezaaid stuk struikgewas, de temperatuur ligt zeker te weten onder het vriespunt en er is geen water.

Ik heb met ze te doen. De hele nacht hoor ik jammerlijke zucht- en steungeluiden uit een tent naast mij komen. Ik begin me zorgen te maken, zou ik iets kunnen betekenen? Maar één van de drie is ongedeerd gebleven en neemt broederlijk de zorg voor de zieke voor zijn rekening.

Zou het de worst zijn geweest? Voedselvergiftiging? Hoe het ook zij, de rest van de nacht zijn het geen wilde dieren die me doen wakker schrikken. Geen blaffende herten, maar kreunende boyz die het witte bos onveilig maken.

Eerder die avond kwam er een tweede drietal aanschuiven, ik zal ze de Vlaamse mannen noemen met als woordvoerder, de Praatgrage Vlaming. Het is wonderlijk hoeveel verschillende gespreksonderwerpen er voorbij zijn gekomen. Je zou het ‘van de hak op de tak’ kunnen noemen, werkelijk waar, je hoefde maar een balletje op te gooien en de Praatgrage Vlaming was gerust een half uur aan het woord. Het mooiste was nog dat hij elk monoloog begon met “zonder te zeveren”

Wellicht was het geen zeveren wat de Praatgrage Vlaming deed, hij verkondigde slechts zijn mening en duldde daarbij geen tegenspraak. Alles wat je aan het gesprek probeerde toe te voegen, werd met indrukwekkende drogredenen van tafel geveegd. “Met alle respect, maar als ik een bananenschil in de bosjes gooi, is dat iets anders dan een stuk plastic. Bananan komen uit de natuur, plastic niet, hè. Ik ben nog altijd een stuk beter bezig dan die fucking-duckface-instagram-wijven. Die weten niet wat natuur is.”

De door de Vlaamse mannen meegebrachte whisky verzachtte weliswaar mijn frustratie, maar deed het volume van de Praatgrage Vlaming toenemen. Het volume en de passie waarmee hij sprak. De maatschappij van tegenwoordig kreeg het zwaar te verduren. “We leven in een samenleving die het spoor bijster is.” De zich in grote getalen voortplantende Moslims dreigen onze cultuur teniet te doen, geëmancipeerde vrouwen moeten zelf hun bankje dichter bij het vuur schuiven (met Praatgrage Vlaming en al) en geen kind weet tegenwoordig nog hoe het is om in een hangmat te slapen. Laat staan hoe ze vuur moeten maken.

Ik besloot het voor gezien te houden. Graag zou ik over al deze onderwerpen van gedachten willen wisselen, maar nadat ik eruit had gefloept dat hij zo negatief en oordelend over anderen sprak, leek er geen gesprek meer mogelijk. “Ik heb het recht om mijn mening te hebben en die uit te spreken. We leven in een vrij land met vrijheid van meningsuiting.” Door de Praatgrage Vlaming te beschuldigen, maakte ik me schuldig aan hetgeen ik hem verweet. Ik oordeelde over hem en hielp de mogelijkheid tot goed gesprek om zeep.

Slecht slapen of niet kunnen slapen is vervelend, maar wanneer de nachtbraker geheel buiten zijn schuld de rust verstoord, kan ik niet boos worden. Het is heel simpel, ligt de oorzaak van de onrust buiten mij en kan ik er geen invloed op uitoefenen, dan kan ik me eenvoudig bij de situatie neer leggen. Zodra het binnen mijn bereik lijkt liggen om de bron van alle ellende aan te pakken, dan heb je de poppen aan het dansen. Dan wind ik me op over wat ik wel of niet zou kunnen, mogen, moeten doen.

De opties zijn dan in feite 1) in actie komen, 2) iets aan mijn eigen houding doen. Ik begin meestal bij de tweede, maar helaas meestal te laat. Wanneer het zover is dat ik me opwind en erger, lukt het me zelden mijn ‘Zen-toestand’ te bewaren. En van de slaap hervatten is al helemaal geen sprake meer.

De kreunende boyz en de Praatgrage Vlaming waren duidelijke gevallen waar ik geen invloed op uit kon oefenen. Rustig wachtte ik de nacht af en besloot een rustdagje te nemen. De hele dag kwamen er mountainbikers die mee deden aan een Mountainbikemarathon voorbij gebonjourd. Het had iets weg van schaapjes kijken, mijn favoriete tijdsverdrijf in de bergen. In het zonnetje met een boek op schoot en de brakke boyz in hangmatten naast me, vloog de dag voorbij. De boyz braken tegen het middaguur hun tentenkamp op en ik bleef achter met de nieuwe lichting wildkampeerders.

Bivak_belgie_ardennen
Stilte voor de storm…

Een verliefd Vlaams stelletje en drie nette, stadse jongens met vlotte kapsels, hippe kleren en boodschappen in kartonnen dozen kwamen me vergezellen. Na wat gestuntel vroeg de jongen met pet (waaronder vast ook een vlot kapsel zat) beleefd om een flessenopener. De fles wijn plopte open, de muziek ging aan en het feest kon beginnen. Hun feestje, want mijn geplande pyamaparty dreigde in het water te vallen.

Muziek in het bos. Geen harde techno, maar toch. Muziek uit speakers. In het bos. Ik vond het stom. Nog stommer is de wetenschap dat ik er alleen mezelf mee heb. Ik erger me me meer aan mijn ergernis dan aan de oorzaak. Ik erger me aan mijn intolerantie en aan mijn chagrijnige, oude vrouwen humeur. Ik probeer iets aan mijn houding te doen. Negeren, eigen muziek luisteren, omdenken. Wat een geluk dat ik juist drie jongens met een muziekspeler tref, dat is weer eens wat anders dan vogelgezang.

Het werkt niet. Ik ben moe, de bas dreunt door. Het is stomme muziek. Ik kan mezelf niet naar een Zen-toestand terug relativeren of mediteren. Ik zit me te ergeren en ik wil slapen. Tijd voor actie. “Hebben jullie ook een muziekje zonder bas?” Ik hoopte op een indie-sing-en-song-writer-achtig-gitaargepingel, maar de muziek wordt direct uit gezet. “Geen probleem” zegt de jongen met pet. Zijn stem is vriendelijk en beleefd. Geen spoor van verachting of ergernis, hij begrijpt en respecteert mij. Jeetje, wat fijn.

De rust is terug, ik lees wat en val snel in slaap. Voor even. Naast mij is het Vlaamse stelletje in beweging gekomen. Met hun zware bergschoenen stampen ze langs mijn tent. Het meisje is aangeschoten en begint los te komen. Haar stem schettert over de bivak, giegelend struikelt ze over mijn scheerlijnen. Ik schiet terug in mijn ergernis. Ik krabbel in mijn dagboek dat ik oordoppen moet kopen.

Het stelletje trekt zich niets aan van hun kampgenoten. Hoewel ze hun tent festival-stijl scheerlijn aan scheerlijn hebben opgezet, lijkt het ze niet de deren dat het slechts een tentdoek is dat hen van mij scheidt. Vermoeid hoor ik aan hoe ze zich over geven aan de lusten van de liefde. Oordoppen, oordoppen, oordoppen! Ik krul me op in mijn slaapzak. Plug een luisterboek in mijn oren en laat me voorlezen.

Met de blaffende herten, kreunende en zelfs kotsende boyz én met de Praatgrage Vlaming kon ik vrede hebben, maar een luidruchtig, vrijend stelletje ging me gewoon te ver. Ik kan niet verwachten dat iedereen rekening met mij houdt en ik kan niet verwachten dat iedereen er dezelfde fatsoensnormen op na houdt. Ik weet ook dat de korte voorgaande nacht mijn tolerantie niveau beïnvloedde, maar toch. Ik baalde.

In dit soort gevallen is een luisterboek mijn redding. Opgaan in een verhaal dat niet het mijne is. De wereld om me heen vergeten en me in mijn kleine​ tenthuisje volledig afsluiten van de werkelijkheid. Ik ontsnap, ik vlucht, ontspan en val uiteindelijk in slaap.

Hangmat
En dat van die kat en het zwijn, daar ben ik niet aan toegekomen, misschien in een volgend verhaaltje.

8 thoughts on “​36 Uur op Aire de Bivouac des Blancs Bois

  1. Pylger Andrys Beantwoorden

    Toch maar weer wild kamperen? Ik herken dit soort “kampeerpret”, de dag na een nacht op de camping in Spa was ik zo brak als de Zeeuwse wateren, door zuipende, schreeuwende, boerende campinggasten. Geen oog dicht gedaan.
    Op dit soort bivakplatsen als waar jij verblijft verwacht je toch een ander publiek. Ik hoop dat je vannacht beter slaapt.

    1. EVAdinarica Project Beantwoorden

      Tja, als de bivak met een auto bereikbaar is… Maar het hoort erbij, daarna idd weer heerlijk in een veld gestaan 🙂

  2. Arda Beantwoorden

    Alle leuke, interessante, lieve mensen die je tegenkomt moeten ook wel een beetje een tegenhanger hebben met wat mindere mensen (of ongelukkige omstandigheden).
    Luister je veel boeken? Gebruik je daarvoor een app of abonnement ergens of gewoon bestanden (dan heb ik namelijk nog wel een aanrader die ik je kan sturen)?

    1. EVAdinarica Project Beantwoorden

      Ik ben sowieso benieuwd naar jouw aanrader! Ik luister nu op mijn MP3 speler, maar ik heb ook wat boeken op mijn telefoon staan. Geen speciale app, bestaat die? Ik heb net het laatste hoofdstuk van Turks Fruit geluisterd, met rollende tranen liep ik langs de weg. Ook al heb ik het boek meerdere malen gelezen.. Op stukken asfalt plug ik af en toe een boek in, of savonds in de tent. Jij?

      1. Arda Beantwoorden

        Ja, die bestaan zeker. Je hebt audible van Amazon en storytell… Ik hen zelf audible en wat losse boeken. De boeken die ik heb als losse mp3 en die ik heel goed vind zijn alle Amerikaanse Harry potters door jim Dale gelezen, The end of The affair gelezen door Colin Firth en een schitterend gebrek door Arthur Japon. Kan ze wel sturen maar is misschien veel data voor je…
        Ik luister vaak in openbaar vervoer als er veel gepraat wordt en ik me niet goed op een leesboek kan concentreren. Als ik graag verder wil luisteren ook wel eens op andere momenten zoals wandelen of koken, maar meestal niet.

  3. klimmuur Beantwoorden

    De Man met de Microfoon (podcast) moet je luisteren, is te gek!

    1. EVAdinarica Project Beantwoorden

      Ok, GA ik opzoeken of heb jij een linkje?

  4. Annelies Beantwoorden

    Luisterboeken heb ik nog nooit geprobeerd maar op zo een momenten luister ik naar YouTube naar een storm-, regen- en golven filmpje dat 4 uur doorgaat. Maar zonder WiFi misschien wat moeilijk

Geef een reactie