​Van de Pfalz naar het Zwarte Woud

Afgelopen dagen heb ik heel veel bos gezien. Heel veel. Eerder liep ik een stuk van de zuidelijke Pfälzer Jakobsweg, dat was een verademing na het oneindig lange stuk langs de Saar. Ik kon een route volgen en kwam geregeld in dorpjes, langs oude molens en andere idilische picknickplaatsen. Toch had ik een beetje het gevoel dat ik niet echt in het bos was. Niet op de echte bospaadjes. Nou, dat heb ik inmiddels goed gemaakt.

In de Pfalz krioelt het van de wandel en mountainbike paden, je moet alleen het systeem door hebben. Of een goede kaart. Bij gebrek aan beide zoemde ik in op mijn GPS en volgde de stippellijntjes die als ‘spoor’ aangeduid worden. Zo plakte ik het ene spoor aan het andere. Meestal bleek dit een of ander gemarkeerd ‘wanderpfad’, maar dikwijls kwam ik op weinig belopen trails waar je geen mens tegen komt. Wel heel veel dieren. De afgelopen dagen heb ik meer herten (reeën) gezien dan ooit tevoren. Fantastisch.

Makering_pfalz_germany
Hier word ik nou vrolijk van 🙂

De meeste wandelaars lopen een rondje. Soms een meerdaags rondje of een etappe van een trail, maar meestal komt dit neer op een ontspannen dagwandeling van café naar café. Eet- en drinkgelegenheden zijn er dus genoeg. Dat is handig, want daar kan ik mijn water vullen, batterijen opladen en soms wat internetten. Dat laatste is echt maar heel soms. Ik vermoed dat de meeste Duitsers onbeperkt internet-abonnementen hebben, ik zie iedereen druk met telefoons, overal, maar van WiFi geen spoor. Zelfs in de cafés en restaurants in de stadjes is er nagenoeg nooit toegang voor gasten.

Voor Via Dinarica schrijf ik mee aan de wandelgids. Per etappe moest ik nauwkeurig mijn op- en aanmerkingen, aanvullingen, ervaringen, aanbevelingen en (route) suggesties beschrijven. Super leuk, maar daarvoor heb ik wel internet nodig. Hoewel ik bizar veel details in mijn hoofd heb, kon ik zonder kaart geen precieze omschrijvingen geven. Hoe ga ik dit doen? Een paar dagen lang lang vroeg ik bij ieder café, restaurant, hotel, sportclub kantine, of ik bij het nuttigen van een consumptie tevens gebruik kon maken van het internet. Nee, niet mogelijk.

Wein-lehr-pfand_schweigen_duitsland
Wildkamperen bij een Wein-lehr-pfand. Mooi uitzicht, geen WiFi 😉

Na het verstrijken van de deadline kwam ik bij een bakkertje. Laatste poging, dacht ik bij mezelf. Als het hier niet lukt, accepteer ik een internetloos leven. Oehh wat lijkt me dat heerlijk. Behalve dat ik daarmee alle mogelijke vormen van inkomsten (en inspirerende contacten) via mijn blog en de daaruit voortkomende opdrachten ook mis loop. Een tweestrijd, want ik geloof dat wanneer ik schrijven, internetten en bloggen op een lager pitje zet, er weer ruimte voor nieuwe, andere dingen komt. Lastig…

Terug naar de bakker. De bakker had geen internet, maar ik raakte aan de praat met een klant. Hij bleek architect te zijn en had een kantoorpand een paar straten verderop ontworpen. Hij bood aan te vragen of ik daar eventjes mocht werken. Zo gezegd, zo gedaan. Een uur later legde ik de laatste hand aan mijn Via Dinarica opdracht en klikte op ‘send’. Wat een voldoening.

Kantoor
Aan het werk!

Voor mijn eigen blog had ik geen tijd meer, maar ach, dat komt een andere keer. Ondertussen schrijf ik offline door. Het meisje van de receptie raadde me aan naar Ybourg te gaan. Een kasteelruïne met restaurant en panorama view. Ik hield haar tip in mijn achterhoofd, maar besloot eerst een slaapplaats aan de bosrand te vinden. Dit alles vond plaats in de buurt van Baden-Baden, een stad aan de rand van het Schwarzwald.

Nu lijkt het misschien alsof de Pfalz direct over gaat in het zwarte woud, maar dat is niet zo. Tussen deze twee enorme bossen ligt een vallei waar de Rijn doorheen stroomt. Behalve een bijzonder groen rivierlandschap met meertjes en vogels, tref je ook hier veel industrie. Enorme stellages met buizen, pijpen, lopende banden met modder en stenen, karretjes, spoorbanen, vrachtwagens, grote schoorstenen met stinkende rook en heel veel lawaai. Waarom de Rhein-rad-weg zo populair is vraag ik echt af. Lekker vlak, maar lang niet overal mooi. En lopend is dit echt geen pretje.

Rijnbrug
Brug over de Rijn

Ik moest de rivier over. Vanuit Schweigen volgde ik een mooi stukje van de GR53 naar Lauterbourg, een dagje door Frankrijk met een nachtje op een Franse municipal camping, want anders dan in Duitsland staan er in Frankrijk o-ve-ral ‘camping interdit’ bordjes. Wild kamperen wordt niet op prijs gesteld. Laat arriverende camping gasten ook niet. Om acht uur waren alle luiken naar beneden en zaten de hekken op slot. Na wat drentelen klom ik over de slagboom en plaatste mijn tent ergens tussen de caravans. Tot mijn verbazing kwam er onbeperkt warm water uit de kraan. Wat een feest! Met geschoren benen en gewassen haren, kroop ik heerlijk schoon mijn bedje in.

Campings beginnen me steeds meer tegen te staan. Zo nu en dan is er geen andere optie, maar echt voor mijn plezier ga ik er niet heen. Misschien komt het doordat ik alleen de troostzeloze gevallen tref. Campings die permanent bewoond zijn. Waar hele families met luide muziek je de hele nacht wakker houden en jou als een indringer zien. Waar je moet zoeken naar een stukje gras. Of juist van die mega grote recreatieoorden, waar je minimaal één euro voor vier minuten douchen moet betalen. Die vermijd ik resoluut. Aan de andere kant, zijn die stacaravan/woonwagen campings vaak onbemand, wat betekent dat ik er open en bloot ‘stiekem’ kan kamperen.

Rijn_onweer
Mooie woestigheid, dat maakt een saaie wandeling toch bijzonder

Van de municipal camping koersde ik naar de Rijn. Daar aangekomen bleek er geen boot meer te zijn, ik moest 10 kilometer verder naar het zuiden. Ook daar was de ferry ‘aus betrieb’, ik moest nóg 7 kilometer verder. Soms zit het mee, soms zit het tegen. Die dag zat het tegen. Halverwege begon het te regenen. En onweren. Zo op een fietspad langs het water, zonder schuilplekken, voelde ik me akelig kwetsbaar. Op de fiets is het een uurtje doorbijten, ik liep de halve dag onbeschermd, onbeschut door de striemende regen.

Over een oude spoorbrug met heel smal voetpad bereikte ik de overkant. Al snel maakte de euforie plaats voor een nieuwe portie wanhoop toen ik erachter kwam dat me 3 kilometer over een drukke autoweg te wachten stond. Geen fietspad, geen berm. Puur asfalt met voorbij razende auto’s. Mijn idee was om met een grote boog onder Karlsruhe langs te lopen om dít soort etappes te vermijden. Ik vrees dat rondom de grote rivieren dat onmogelijk is. Het hoort erbij. Na nog eens 7 kilometer over een radweg te hebben doorgeploeterd kwam ik in een dorp aan de rand van een bos. Een trimbos.

Römerhutte
Römerhutte
Kampeten_in_een_hut
Past precies

Behalve jagershutten vind je in de Duitse bossen veel trimpaden. Rondom de trimtoestellen is het vlak en wanneer de trimmers tegen het vallen van de avond het bos verlaten, heb je er het rijk voor jou alleen. In dit specifieke trimbos ontdekte ik bovendien houten, onbemande (gesloten) hutten voor wandelaars. Deze zijn niet bedoeld om te slapen, het zijn geen bivakhutten, maar meer picknickhutten. Desalniettemin een prima plek om je tent op te zetten. In de Römerhutte paste mijn tent precies onder het afdak. Na een lange, ongezellige regendag langs de Rijn had ik het toch goed voor elkaar. Industrie achter me en een oneindig groot bos voor me. Het Zwarte Woud. Schwarzwald.

Hoe gek het ook klinkt, zo’n deprimerende rivierdag, doet me in zekere zin goed. Niet alleen omdat ik het heb weten te doorstaan (oef wat dramatisch), maar vooral omdat ik weer zin krijg om omhoog te lopen. Zin om een nieuw, mooi stuk te lopen. Ik besloot het advies van het meisje van de receptie op te volgen en liep een dag later via de Fremersberg (gezellig terras, vriendelijke mensen en een beetje uitzicht) naar Ybourg. Wat een heerlijke plek. Wat is het fijn boven de bomen uit te klimmen en over alles uit te kijken.

Yburg_view
Uitzicht vanaf Yburg, met rechts op de groene berg, de Fremersturm

Ik zag waar vandaan kwam, de brede Rijn vallei met het donkere Pfälzerwald daarachter. Een klein stukje dichterbij ontdekte ik de rood met witte Fremersturm en daarachter strekte het Schwarzwald zich uit. Bossen bossen bossen. Dat is wat me te wachten staat. Dwars door het Zwarte Woud naar de Bodensee. Maar eerst een biertje. Op het Yburg terras.

Wanneer ik mijn telefoon aan zet, zie ik een netwerk verschijnen. ‘Yburg-guest’. Haha! Zo zie je maar weer, wanneer je stopt met zoeken…..

Ybourg_cafe
Ybourg terras

2 thoughts on “​Van de Pfalz naar het Zwarte Woud

  1. Pylger Andrys Beantwoorden

    Die bossen ja, die Wälder, d’r komt geen eind aan, dat vond ik al in de Eifel toen we Eifelsteig liepen.
    Hou ook meer van verre horizonnen en uitzicht om me heen, dat zal wel komen door mijn friese roots….
    Geniet verder van das schöne Deutschland, het ga je goed!

  2. Dini de Paauw Beantwoorden

    Na afzien weer waardering van het kleinste en weten wat het grootste is. Bewonderenswaardig dat jij je overal doorheen ploetert om vervolgens de schoonheid weer volop te ervaren. En inderdaad is het vaak zo, dat als je stopt met zoeken dat je vind, wat je ook wilde vinden. Zoals altijd weer prachtige foto’s en je beschrijvingen geven me het gevoel, met je mee te lopen. Maar dan wel hoog en droog en zonder geploeter. Een tijd zonder internet geeft zoveel ruimte en rust. Maar het steeds zoeken naar mogelijkheden, brengt vooral onrust. Het is dat je opdrachten hebt te vervullen voor je schrijven, anders zou ik zeggen dat het laten meer brengt zo is mijn ervaring. Dank je dat ik weer mee mocht genieten en hopelijk stijg je weer overal bovenuit, ver van snelwegen en terug naar het kleinschalige en het ademende groen en de verstilling.

Geef een reactie