Fietser zonder manieren

De heerlijkste geuren stijgen boven mijn brander uit. Geuren die ik niet direct kan thuisbrengen, meegenomen uit India waarschijnlijk. Verwonderd en een tikkeltje verontwaardigd kijk ik toe hoe de fietser zijn maaltijd bereidt. Ondertussen vraag ik me af of ik morgen mijn ontbijt nog wel klaar kan maken. Er wordt meer groenten gesneden, een flufje van dit en een flufje van dat. Het is ongelooflijk, de fietser maakt er een heus kunstwerk van. Ondertussen raast mijn brander door.

Ga door met lezen van "Een fietser zonder manieren"

Langs de weg zie een vrouw in de berm zitten. Ze glimlacht vrolijk. Aan haar voeten staan een paar kratten frambozen, haar handen zijn rood van het plukken. Ik loop naar haar toe en vraag stuntelent of ik mijn tent hier ergens op kan zetten. Ze pakt haar telefoon en start een vertaalprogramma. Dan komt er een auto aangereden, het is haar zoon. De zoon spreekt Engels en zegt me “this is Tara, you can camp everywhere.” 

Ga door met lezen van "Savda en haar frambozen"
De voorbijganger

Ik lig al vroeg in m’n tent. Eerst om te schuilen voor de regen, daarna voor de wind. Terwijl ik me probeer te concentreren op een nieuw boek, hoor ik ineens voetstappen. Ze komen dichterbij. Een jongen in korte broek met een dagrugzak komt aangesloft. Echt energiek ziet ie er niet uit. Hij loopt zonder mijn tent een blik waardig te gunnen op de hut af. Die is dicht. Hij klopt. Niets.

“Hello” zeg ik vanuit m’n tent. Ik voel me een beetje ongemakkelijk, wat zal ik zeggen? Dat de hut dicht is ziet ie zelf ook wel. Het ziet er niet naar uit dat de jongen een tent mee heeft. Hij lijkt überhaupt niet veel mee te hebben. Wat doet ie hier? Behalve de dichte hut is er niets. “Oh hallo” zegt ie terug. Ik vraag of hij Engels spreekt, hij vraagt in het Engels of ik een tourist ben. “Ja zoiets, ik ben een wandelaar. En jij?” Hij denkt even na. “I’m a passenger” besluit ie dan. Interessante woordkeuze. Een voorbijganger.

Ga door met lezen van "De voorbijganger"

​”Alarm, alarm! Het melkpak moet gered worden.” “Hier is de centrale, we komen eraan!” “Wil je niet weten waar je heen moet?” “Oja. Waar moet ik heen?” Behendig klikt Kilian een snapper aan zijn broek en daalt met het touw in zijn hand de grashelling af. Zijn kleine zusje Theresa wil meehelpen. Ze mag aan het korte touw. Hand in hand glijden naar beneden waar het melkpak geduldig ligt te wachten.

Ga door met lezen van "De bergredding van Außerweger Alm"