Ik schrik een beetje. De man bedoelt het vast goed, maar de manier waarop hij een wolf uitbeeldt is angstaanjagender dan het feit dat er hier wolven wonen. Terwijl hij “hap hap” zegt, steekt hij zijn hoofd naar voren en laat zijn tanden zien. Ik deins terug. Het groepje begint te lachen. Ik kijk ze aan en vraag nogmaals hoeveel kilometer het naar Kopana Voda is. “Zes.”

Ga door met lezen van "Kopana Voda of “Wolven bijten HAP HAP”"
Picknick trash

Nu heb ik vrij weinig verstand van auto’s, maar het verschil tussen een Fiat Panda en een BMW zie zelfs ik. Het is hier dan ook het ene of het andere uiterste. Je ziet of van die koekblikken rammelend zonder nummerborden of dure auto’s met glimmende velgen en de speakers volledig open. Die laatsten hebben overigens vaak Zwitserse, Oostenrijkse of Duitse nummerborden. Vaak, maar lang niet allemaal.

Ga door met lezen van "Rode schapen, dikke BMW’s en heel, heel, héél veel afval"

Tijdens eerdere tochten vond ik fijn om me terug te trekken met een luisterboek. Het was een manier om de eindeloze storm aan gedachten te doen verstommen. Ik zou kunnen mediteren of proberen heel mindful door het leven te gaan, maar luisteren naar een verhaal is meer dan een vorm van afleiding. Omdat ik mezelf continue onderdompel in een andere cultuur, een andere taal en andere gebruiken, heb ik af en toe behoefte aan iets eigens. Iets bekends, iets Nederlands. Iets vertrouwds in feite.

Ga door met lezen van "Met Botte en Ype in de tent"
De voorbijganger

Ik lig al vroeg in m’n tent. Eerst om te schuilen voor de regen, daarna voor de wind. Terwijl ik me probeer te concentreren op een nieuw boek, hoor ik ineens voetstappen. Ze komen dichterbij. Een jongen in korte broek met een dagrugzak komt aangesloft. Echt energiek ziet ie er niet uit. Hij loopt zonder mijn tent een blik waardig te gunnen op de hut af. Die is dicht. Hij klopt. Niets.

“Hello” zeg ik vanuit m’n tent. Ik voel me een beetje ongemakkelijk, wat zal ik zeggen? Dat de hut dicht is ziet ie zelf ook wel. Het ziet er niet naar uit dat de jongen een tent mee heeft. Hij lijkt überhaupt niet veel mee te hebben. Wat doet ie hier? Behalve de dichte hut is er niets. “Oh hallo” zegt ie terug. Ik vraag of hij Engels spreekt, hij vraagt in het Engels of ik een tourist ben. “Ja zoiets, ik ben een wandelaar. En jij?” Hij denkt even na. “I’m a passenger” besluit ie dan. Interessante woordkeuze. Een voorbijganger.

Ga door met lezen van "De voorbijganger"
Martinova Košara | Herinneringendingen en onweer in de tent

Het is gek om op precies dezelfde plek in precies dezelfde situatie te zitten. Twee jaar verstreken en er is geen steek veranderd. Zo lijkt het. Ik lig in mijn tent (precies dezelfde tent) en het regent pijpenstelen. Na onwijs lang wikken en wegen heb ik toch maar het zekere voor het onzekere genomen. Afwachten. In m’n tent, want de bivakhut, Martinova košara, is zelfs om een onweersbuitje uit te zitten een hoogst onaantrekkelijke plek. In de tijd dat ik alle andere mogelijke opties wel tien keer voorbij heb laten komen, had ik wellicht al in Uništa kunnen zijn.

Ga door met lezen van "Martinova košara"
Mijn Via Dinarica door Slovenië | Verslag van mijn route

Vorig jaar liep ik de Via Dinarica White Trail van Albanië naar Slovenië. Een handvol andere Via Dinarica hikers liepen de route andersom. Of eigenlijk liep ik andersom. Daardoor kon ik lezen over de ervaringen van mijn trailgenootjes en mijn route daarop aanpassen. Zoals ik al vermoedde, was de Via Dinarica door Slovenië, niet veel meer dan een op de computer gemaakte GPS track. Zonde, want Slovenië is zo mooi. Hier had ik geen trek in, dus ik zocht mijn eigen weg.

Ga door met lezen van "​Mijn Via Dinarica door Slovenië"